Een groenestroomcertificaat is een regionaal steunmechanisme voor de productie van hernieuwbare elektriciteit. De producent — bijvoorbeeld een gezin met zonnepanelen — ontvangt certificaten in functie van de groene stroom die hij opwekt, en kan die vervolgens te gelde maken. Het staat los van de verkoop van de stroom zelf.
In de praktijk
Een groenestroomcertificaat beloont het produceren op zich, ongeacht wat u met de stroom doet: of u ze ter plaatse verbruikt dan wel naar het net stuurt, de geregistreerde productie blijft dezelfde.
- De modaliteiten hangen af van de regio: het aantal toegekende certificaten, de duur van de toekenning, de manier om ze te valoriseren en de toegangsvoorwaarden. Er bestaat geen uniforme Belgische regel.
- Ze hangen ook af van het jaar van indienstname van uw installatie. Twee buren die enkele jaren na elkaar installeerden, kunnen onder verschillende regelingen vallen.
- De regionale regulatoren zijn de referentie: de VREG in Vlaanderen, de CWaPE in Wallonië, Brugel in Brussel. Ga daar altijd na wat op uw situatie van toepassing is.
- Certificaten vervangen het rendement uit gebruik niet: uw zelfverbruik en de prijs van uw contract blijven de twee stabielste hefbomen.
Deze steun hangt samen met andere begrippen die voor thuisproducenten spelen: de injectie van uw overschot en, afhankelijk van de regio, het prosumententarief.
Om te onthouden
Een groenestroomcertificaat hangt af van uw regio en van het jaar van uw installatie: baseer u nooit op het verhaal van een buur, maar op de bevoegde regulator.
Terug naar de energiewoordenlijst of vergelijk contracten via energie vergelijken.